abrir: tegenwoordige tijd
abrir betekent ‘to open’. Het is een regelmatig werkwoord op ir: haal ir weg, de stam abr- blijft en de uitgang komt erbij.
abrirto open
| Persoon | Vorm | Vertaling |
|---|---|---|
| yo | abro | I open |
| tú | abres | you open |
| él / ella | abre | he opens |
| nosotros | abrimos | we open |
| vosotros | abrís | you all open |
| ellos / ellas | abren | they open |
Voorbeeld
Nosotros abrimos la ventana.
We open the window.
Oefen abrir
Zes vormen, in korte stappen. De voortgang wordt in deze browser bewaard.
Zeg het hardop in de app
In ReLemma heeft de trainer een spreekstap met uitspraakbeoordeling en komen beheerste vormen terug net voordat je ze zou vergeten. Je voortgang blijft in je account.
Of lees in de browser