viajar: tegenwoordige tijd

viajar betekent ‘to travel’. Het is een regelmatig werkwoord op ar: haal ar weg, de stam viaj- blijft en de uitgang komt erbij.

viajarto travel

PersoonVormVertaling
yoviajoI travel
túviajasyou travel
él / ellaviajahe travels
nosotrosviajamoswe travel
vosotrosviajáisyou all travel
ellos / ellasviajanthey travel

Voorbeeld

Nosotros viajamos en tren.

We travel by train.

Oefen viajar

Zes vormen, in korte stappen. De voortgang wordt in deze browser bewaard.

Zeg het hardop in de app

In ReLemma heeft de trainer een spreekstap met uitspraakbeoordeling en komen beheerste vormen terug net voordat je ze zou vergeten. Je voortgang blijft in je account.

Get it on Google PlayDownload on the App Store
Of lees in de browser

Andere werkwoorden

Alle 100 werkwoorden in de trainer →